Crna Gora

De kans is groot dat jullie dachten dat onze trein ontspoord was, Ruben opgegeten was door een beer, Koen uitgehuwelijkt aan een schone Servische of wij allemaal een dodelijk taxi-ongeluk in de bergen van de Balkan hadden gehad. Niks van dat alles, maar er was gewoon niet echt veel internet in het mooie Crna Gora, ofwel Montenegro (alhoewel dat taxi-ongeluk bijna waarheid werd, maar daarover later meer). Daarom weer een paar dagen radiostilte van onze kant; excuses! Maar gelukkig is er genoeg te vertellen.

In het vorige stukje vertelde ik hoe we last-minute een ticket wisten te regelen bij een vage stationsmanager. Zo geschiedde: met Servische precisie vertrok onze trein van bedenkelijke sovjetmakelij richting het zuiden. Natuurlijk was er geen airco, het was tenslotte maar 35 graden, dus dat was niet nodig. Zodra het gevaarte zich in beweging had gezet, gingen de raampjes open en stak iedereen (letterlijk iedereen in de trein!) een sigaretje op van ons onbekende merken zoals "Rivier" (ongeveer 1 euro per pakje). Het gangpad vulde zich dan ook in no time met een grijsblauwe walm van sigarettenrook, zweet en stoffige bekleding uit vervlogen tijden. Hoe dan ook, met slechts twee uur vertraging kwam onze trein de volgende morgen binnenrollen in het station van Podgorica.

De hoofdstad van het pas afscheiden staatje Montenegro is zo ongeveer de lelijkste stad ter wereld. De enige tinten die je ziet zijn grijs en bruin, en ongeveer 90 procent van de huizen staat op instorten of ziet er in ieder geval zo uit. Tel daarbij op de temperatuur die zelfs op deze vroege ochtend zo ongeveer 40 graden bedroeg en het vrijwel uitgestorven stationsplein en je snapt het beeld dat we van Podgorica kregen. Gelukkig hadden we gelijk contact met locals: een taxichauffeur wilde ons wel voor 10 euro per persoon naar Kotor, onze bestemming aan de kust, brengen. Hardhandig werden wij in respectievelijk een gammele Audi 80 en een zo mogelijk nog slechtere Opel Ascona gestouwd, wat natuurkundig gezien niet eens paste, maar in Montenegro gelden klaarblijkelijk andere regels op dat gebied. Gelukkig kon ons raampje wel open, wat in de Opel niet mogelijk bleek te zijn.

De taxirit was... enerverend. En dat is een flink understatement. Volgens onze taxichauffeur, die overigens natuurlijk ook geen Engels sprak en met twee telefoons tegelijk belde onder het rijden, was de maximumsnelheid ongeveer twee keer de snelheid die op de borden stond. Zo waren we wel vlot in Kotor, maar het aantal bijna-dood-ervaringen was niet meer op een hand te tellen. En we waren al wel wat opgewarmd door de taxi's in Belgrado, maar dit was complete waanzin. Inhalen in niet verlichte tunnels, met piepende banden tot stilstand komen op ongeveer 2 cm van onze voorganger (de afstand die daar ook op snelwegen wordt gehouden tussen voertuigen trouwens), en ga zo maar door. Het was dan ook letterlijk een verademing om de iets minder verstikkende buitenlucht in te stappen en ons geairconditionede hostel binnen te stappen.

De vrouw die ons in het hostel naar onze kamer moest begeiden bleek de gewoonte te hebben nieuwe gasten uit te schelden wanneer ze binnen kwamen. Wij kwamen er echter snel genoeg achter dat ze geen kwade bedoelingen had en dat ze eigenlijk best aardig was. Onze kamer was, net als alles in Montenegro, erg warm. Enkele gammele ventilatoren konden wij gebruiken om die warmte door de kamer te laren circuleren.

Zo'n warme kamer is natuurlijk heel leuk, maar daarvoor waren wij niet naa Kotor afgereisd. Tijd dus om naar het strand te gaan. Strand schenen we te kunnen vinden in Perast, enkele kilometers verderop. Strand betekent in het Montenegrijns blijkbaar kade van beton want veel zand hebben we niet kunnen ontdekken. Wel was er een eilandje op ongeveer 3 kilometer van de kust waar Tim, Ruben, Leon (iemand die we in Belgrado tegen zijn gekomen en die tot aan Kotor met ons mee is gereisd) en ik ons mee konden vermaken door er heen te zwemmen.

De volgende dag hadden we een rafttocht geboekt. We werden voordat we konden gaan raften eerst nog even met een busje naar de andere kant van het land gebracht. Deze tocht ging natuurlijk weer gepaard met de nodige bijna-dood-ervaringen. Het raften bleek alle verschrikkingen echter waard te zijn want de Tara canyon is echt waanzinnig mooi! Kristalhelder water in tinten blauw, turquoise en groen, afwisselend kalm stromend water en stroomversnellingen waar je U tegen zegt. We raftten zo'n 20 kilometer, en na een welkome lunch aan de Bosnische grens (het kantoor van het de blauwhelmen, met bijbehorende kogelgaten, zat recht tegenover ons) en een zo mogelijk nog gevaarlijker terugreis met dito inhaalmanoeuvres en afgronden van honderden meters hoog naast ons. Wat wel gezegd moet worden, is dat Montenegro absoluut één van de mooiste gebieden is waar ik ooit ben geweest. Het landschap is zo ontzettend spectaculair en mooi, dat we bijna vergaten bang te zijn voor de taxichauffeurs.

Dat zelfde kan gezegd worden van de binnenstad van Kotor: zonder uitzondering zijn alle gebouwen eeuwenoud en de steegjes lijken uit een prentenboek te zijn weggelopen; het enige wat je aan de 21e eeuw doet herinneren zijn de airco-units (in ons fotoalbum zie je veel foto's van de oude stad). Ook 's avonds is het heel gezellig op straat; in de smalle steegjes wordt er dan gefeest tot in de vroege uurtjes.

Helaas hadden we maar 3 dagen in Montenegro. Zonder reservering, kaartje of wat dan ook reisden we met de bus naar Podgorica terug, hopend op een stationsmanager. Maar we waren vergeten dat het begrip managen niet erg gangbaar is in dit kleine landje. Niemand, maar dan ook echt niemand, sprak Engels en het kopen van zes reserveringen voor de trein terug naar Belgrado bleek een helse opgave. Er werd ons verteld dat de trein vol zat, vijf minuten later was het geen probleem zolang we maar in de 1e klasse gingen zitten, enzovoort. Met een tikkende klok begonnen de zenuwen toch echt op te spelen. Maar eindelijk, na eerst de buurtroddels met een andere klant te hebben doorgenomen, verschafte een vriendelijke mevrouw in een dichtgetimmerd zweterig loketje ons 6 reserveringen voor de 1e klas naar Belgrado. Aangekomen in de trein werden 6 Servische jongens uit onze coupé gegooid door een conducteur die ongeveer even breed als Ruben lang was en we konden zitten. Wel in de 2e klas, maar daar gaf niemand wat om. We reden.

Reageren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd

Blijf op hoogte!

Wil je op de hoogte blijven van de belevenissen? Meld je aan voor de mailinglist

Eerdere reisverhalen

Reis blog, ook wel reis webblog genoemd, wordt mogelijk gemaakt door Around the Globe. "Ontmoetingsplek voor en door reizigers". Lees onze Disclaimer